Ontslag tijdens proeftijd wegens geloofsovertuiging
In een door mr. Paul Snijders behandelde zaak heeft de rechtbank Noord Holland bepaald dat een medewerker die aangenomen was als servicemonteur in zijn proeftijd niet mocht worden ontslagen omdat hij tijdens zijn werk in zijn rayon een paar keer per dag wilde bidden. De reden? Discriminatie op grond van geloofsovertuiging. De werkgever werd veroordeeld tot o.a. een billijke vergoeding.Â
Zie voor meer informatie en de inmiddels gepubliceerde uitspraak: Ontslag voor biddende werknemer in proeftijd
Einde contract tijdens proeftijd
De cliënt van mr. Paul Snijders was sinds april 2025 in dienst als servicemonteur bij BPG. Tijdens zijn proeftijd gaf hij aan dat hij vanwege zijn geloofsovertuiging:
- Twee keer per dag wilde bidden
- Geen werkzaamheden wilde verrichten bij varkenshouderijen.
De werkgever BPG zag hierin een probleem en beëindigde de arbeidsovereenkomst per direct. In de ontslagbrief werd expliciet verwezen naar zijn religieuze uitingen als reden voor het ontslag.
Algemene wet gelijke behandeling
Hoewel een arbeidsovereenkomst tijdens de proeftijd zonder opgaaf van reden mag worden beëindigd, geldt dit niet als de reden in strijd is met de wet. Volgens artikel 7:681 BW en de Algemene wet gelijke behandeling (Awgb) is het verboden onderscheid te maken op grond van godsdienst — ook tijdens de proeftijd.
De kantonrechter oordeelde dat:
- Er sprake was van direct verboden onderscheid.
- BPG onvoldoende heeft aangetoond dat het ontslag niet gebaseerd was op de geloofsovertuiging van de cliënt.
- De aangeboden alternatieven (bidden in de bedrijfsbus) niet passend waren voor de cliënt.
- De cliënt zich juist flexibel opstelde door te willen bidden op een parkeerplaats, buiten het zicht van klanten.
Neutraliteit als argument is niet voldoende
BPG stelde dat het bedrijf neutraliteit nastreeft en daarom religieuze uitingen bij klanten niet toestaat. De rechter verwierp dit argument:
- Dat mag alleen als er een kenbaar, algemeen beleid of interne regels zijn die religieuze uitingen verbieden,
- Er was geen bewijs dat klanten bezwaar hadden,
- Neutraliteit kan alleen een objectieve rechtvaardiging zijn bij indirect onderscheid, niet bij direct onderscheid zoals hier het geval was.
Schadevergoeding
De kantonrechter kende de cliënt de volgende vergoedingen toe:
- Gefixeerde schadevergoeding: € 3.898,67
- Transitievergoeding: € 81,60
- Billijke vergoeding: € 15.000,-
Wat betekent dit ontslag voor werkgevers?
Deze uitspraak onderstreept dat:
- Ook tijdens de proeftijd discriminatie verboden is.
- Werkgevers zorgvuldig moeten omgaan met religieuze uitingen van werknemers.
- Het nastreven van neutraliteit binnen een bedrijf geen vrijbrief is voor ontslag.
Contact met een arbeidsrecht advocaat in Amsterdam over ontslag wegens geloofsovertuiging:
Zoek je betrokkenheid en een direct, persoonlijk contact met een ervaren specialist arbeidsrecht in Amsterdam? Bel onze gespecialiseerde advocaten arbeidsrecht en ontslagrecht voor vragen en juridisch advies over ontslag wegens geloofsovertuiging.