Als arbeidsrechtadvocaat in Amsterdam zie ik regelmatig werknemers die te laat aan de bel trekken. Soms uit onzekerheid, soms omdat de situatie emotioneel te ingewikkeld voelt. En soms – zoals in deze zaak – omdat er een familieruzie meespeelt waardoor iemand liever denkt: laat maar zitten. Toch kan juist dán juridisch optreden het verschil maken.
In deze zaak kwam een werknemer bij mij omdat hij zonder duidelijke reden op staande voet was ontslagen. De werkgever beweerde dat er sprake was van een dringende reden, maar uit niets bleek dat. De termijn om een verzoekschrift tot vernietiging van het ontslag in te dienen liep echter binnen enkele dagen af. Dat is cruciaal: bij ontslag op staande voet heeft een werknemer maar twee maanden om naar de rechter te stappen. Daarna vervalt die kans definitief.
Toch twijfelde cliënt. De familieruzie die achter de ontslagsituatie schuilging maakte alles nog ingewikkelder. Hij gaf zelfs aan dat hij de zaak misschien maar moest laten rusten. Maar juist omdat ik zag hoe zwak het ontslag juridisch stond, én omdat de termijn bijna verstreek, heb ik net op tijd alsnog een verzoekschrift ingediend bij de kantonrechter.[Lees meer]