Hoe bereken je de transitievergoeding na loonsanctie UWV?
Wanneer een werknemer langdurig ziek is, gelden er strikte regels voor het beëindigen van de arbeidsovereenkomst. Ook de berekening van de transitievergoeding kan in deze situaties complex worden—vooral wanneer het UWV na 104 weken een loonsanctie oplegt en de werkgever maximaal 52 weken het loon moet doorbetalen. Na die 52 weken wordt het dienstverband “slapend”, er wordt niet gewerkt en ook geen loon meer betaald. Meestal biedt de werkgever dan een vaststellingsovereenkomst aan. Per welke datum moet de transitievergoeding dan worden berekend? Is de Xella uitspraak hier op van toepassing (op de dag na het verstrijken van de 104 weken), ook als je na de loonsanctie een VSO sluit? Onze advocaat mr. Paul Snijders legt stap voor stap uit hoe het juridisch zit en welke uitgangspunten bepalen over welke periode de transitievergoeding na een loonsanctie van het UWV moet worden berekend.
Het wettelijke uitgangspunt: opzegverbod tijdens ziekte
In art. 7:670 lid 1 sub a BW staat dat een werkgever de arbeidsovereenkomst niet mag opzeggen zolang een werknemer ongeschikt is om te werken wegens ziekte, tenzij deze ongeschiktheid ten minste twee jaar heeft geduurd. Dat is de bekende periode van 104 weken.
Daarnaast bepaalt lid 11 onder c dat deze periode wordt verlengd met de duur van een eventuele loonsanctie die het UWV oplegt. Een loonsanctie volgt wanneer de werkgever niet voldoet aan de re-integratieverplichtingen uit art. 25 lid 9 Wet WIA.
Met andere woorden: door een loonsanctie schuift het einde van het opzegverbod op.
Wat als de werknemer om beëindiging van een ‘slapend dienstverband’ vraagt?
Wanneer een zieke werknemer zelf verzoekt om beëindiging van het slapende dienstverband, is de Xella-uitspraak van de Hoge Raad richtinggevend.
In deze uitspraak oordeelde de Hoge Raad dat de werkgever in beginsel moet meewerken aan beëindiging tegen betaling van een vergoeding die niet hoger hoeft te zijn dan de
transitievergoeding zoals die verschuldigd zou zijn op de dag na het verstrijken van de 104 weken ziekte.
Kort gezegd: het peilmoment voor de transitievergoeding is in dat geval het einde van de wettelijke wachttijd van 104 weken, niet de latere datum waarop eventueel wordt opgezegd.
Dit geldt echter alleen wanneer beëindiging met wederzijds goedvinden plaatsvindt op verzoek van de werknemer.
Uitzondering op Xella: wanneer er wél door de werkgever wordt beëindigd
Het hof oordeelde daar dat de transitievergoeding moet worden berekend over de daadwerkelijke duur van de arbeidsovereenkomst, dus tot de datum waartegen is opgezegd – of de datum waarop regelmatig kon worden opgezegd.
Het hof benadrukte twee belangrijke punten:
- Uit Xella volgt niet dat de opbouw van de transitievergoeding automatisch stopt na 104 weken.
- Xella ziet alleen op gevallen waarin partijen met wederzijds goedvinden beëindigen, op voorstel van de werknemer.
In het geval uit deze uitspraak was er sprake van beëindiging door opzegging, dus een andere situatie dan in Xella. Daardoor bleef de opbouw van de transitievergoeding volgens het hof doorlopen tot de (latere) einddatum.
Wat betekent dit voor situaties na een loonsanctie bij een VSO?
Op basis van deze rechtspraak kan het volgende worden gezegd:
- Wanneer een werknemer zelf beëindiging van een slapend dienstverband verzoekt (Xella):
- Peilmoment = einde 104 weken
- De loonsanctieperiode telt dan niet mee voor de transitievergoeding.
- Wanneer de werkgever opzegt (of een VSO aanbiedt) na afloop van de loonsanctie:
- Transitievergoeding loopt door tot de daadwerkelijke einddatum van het dienstverband (inclusief opzegtermijn)
- Dit kan gunstiger uitpakken voor de werknemer, vooral bij een hoog inkomen en een lange opzegtermijn.
In situaties mét loonsanctie kan dus worden beargumenteerd dat de transitievergoeding moet worden berekend tot aan de einddatum van de arbeidsovereenkomst, en niet slechts tot het einde van de 104 weken ziekte, zoals werkgevers vaak voorstellen, bijvoorbeeld bij het aangaan van een VSO.
Compensatie transitievergoeding voor werkgevers: hoe werkt het?
Dit hangt samen met het volgende. Sinds 1 april 2020 kunnen werkgevers een compensatie krijgen van het UWV voor de betaalde transitievergoeding wanneer zij de arbeidsovereenkomst beëindigen wegens langdurige arbeidsongeschiktheid van de werknemer.
Belangrijke punten:
- Het UWV compenseert maximaal de transitievergoeding die verschuldigd zou zijn geweest na 104 weken ziekte, dus zonder de extra periode van de loonsanctie.
- Hierdoor kan het voorkomen dat de werkgever meer transitievergoeding moet betalen dan hij vergoed krijgt, wanneer de arbeidsovereenkomst pas na afloop van de loonsanctie (en opzegtermijn) wordt beëindigd.
Dit sluit aan op de overweging van het hof in ECLI:NL:GHARL:2021:5510: de werkgever moet wél de volledige transitievergoeding over de daadwerkelijke duur betalen, maar de compensatie vergoedt mogelijk niet de volledig doorlopende opbouw.
Voor werkgevers is dit een belangrijke financiële afweging: wachten met beëindiging kan leiden tot hogere kosten. Voor werknemers kan dit echter juist gunstiger uitpakken; als deze een beroep doet op de rechtsgeldige einddatum van de overeenkomst. Dan is het uitgangspunt dat de transitievergoeding wordt berekend per de einddatum met inachtneming van de wettelijke of contractuele opzegtermijn.
Uitgangspunten berekening transitievergoeding na loonsanctie van het UWV
De berekening van de transitievergoeding na een loonsanctie hangt sterk af van de wijze van beëindiging:
- Met wederzijds goedvinden op verzoek werknemer (Xella): transitievergoeding gebaseerd op einde 104 weken.
- Bij opzegging door werkgever of vaststellingsovereenkomst op verzoek van de werkgever: transitievergoeding berekend tot de daadwerkelijke einde-dienstverbanddatum, ook wanneer er een loonsanctie is geweest.
- Compensatie werkgever: het UWV vergoedt maximaal de transitievergoeding over de eerste 104 weken ziekte; dit dekt echter niet altijd de volledige verschuldigde vergoeding na een loonsanctie van het UWV.
Contact met een arbeidsrecht advocaat in Amsterdam over transitievergoeding na loonsanctie UWV
Zoek je betrokkenheid en een direct, persoonlijk contact met een ervaren specialist arbeidsrecht in Amsterdam? Bel onze gespecialiseerde advocaten arbeidsrecht en ontslagrecht voor vragen en juridisch advies over over transitievergoeding na loonsanctie UWV.