ZZP-er en toch werknemer?

avatar

ZZP

Onze advocaten arbeidsrecht te Amsterdam geven juridisch advies over alle soorten arbeidsrelaties. Een VAR-verklaring en een arbeidsovereenkomst sluiten elkaar niet uit. De rechter kan oordelen dat een zzp’er eigenlijk werknemer is. Overeenkomsten van opdracht kunnen zodoende onder de reikwijdte van het BBA vallen. De opzegging van de opdrachtovereenkomst kan dan door de zzp-er worden vernietigd wegens het ontbreken van een ontslagvergunning. Rechtbank Amsterdam heeft op 28 april 2014 bepaald of een zzp-er die voor AT5 als journalist werkte, als werknemer kan worden beschouwd.  De journalist vond dat zij kon worden aangemerkt als werknemer en recht had op ontslagbescherming, omdat er voor haar ontslag geen vergunning was aangevraagd bij het UWV.

BBA

Artikel 1 onder b sub 2 BBA (per 1 juli 2015 afgeschaft!) bepaalt wanneer een zzp-er als werknemer kan worden aangemerkt en recht heeft op ontslagbescherming. Het gaat hier om personen die werkzaamheden verrichten op basis van een andere arbeidsverhouding dan een arbeidsovereenkomst (zoals een opdrachtovereenkomst) en die voldoen aan de volgende criteria:

  1. de werknemer is verplicht de arbeid persoonlijk te verrichten
  2. de arbeid wordt in de regel niet voor meer dan twee opdrachtgevers verricht,
  3. bij de arbeid worden niet meer dan twee helpers (anders dan gezinsleden) ingeschakeld
  4. de arbeid is voor de werknemer niet van bijkomende aard.

Toetsing

Betrokkene beschikte over een VAR-wuo verklaring. Op haar LinkedIn pagina stonden verwijzingen naar andere opdrachtgevers. In de periode dat zij voor AT5 werkte had zij ook facturen aan andere opdrachtgevers verzonden. Om die reden kwam de rechtbank tot het oordeel dat zij in de regel voor meer dan twee andere opdrachtgevers werkzaam was. Ook vond de rechtbank niet duidelijk of zij verplicht was de arbeid persoonlijk te verrichten.

Conclusie

De vraag is of de rechtbank hier een juiste beslissing heeft gegeven. Uit Hoge Raad ECLI:NL:HR:2011:BT7500 volgt dat voor het toetsingsmoment voor de vraag of de opdrachtnemer ontslagbescherming van het (inmiddels afgeschafte) BBA geniet, het moment van beëindiging van de arbeidsverhouding doorslaggevend is. De rechter moet voor de vraag of er recht is op ontslagbescherming, dus kijken naar moment van ontslag en bepalen of de zzp-er op dat moment minder dan twee opdrachtgevers heeft. De rechtbank heeft in dit geval de hele periode van werkzaamheden als toetsingsmoment genomen, wat in strijd lijkt met het uitgangspunt van de Hoge Raad.

Juridisch nieuws van onze advocaten in Amsterdam

error: copyright WS Advocaten Amsterdam
advocaat amsterdam